Gebruik de reader hieronder om de Remeha HMI Gas 310ECO PRO CV Ketel handleiding te lezen. U kunt de handleidingen direct op de pagina doorbladeren en de functies van onze reader gebruiken om alle belangrijke informatie over de installatie, bediening en het onderhoud van deze Remeha CV Ketel te vinden.
Handleiding
Volledig schermFoutcodes
Hieronder vindt u de error codes voor de Remeha HMI Gas 310ECO PRO.
Configuratiefout of default parametertabel niet in orde.
Vervang PCU print.
Configuratiefout of PSU print niet herkend.
Vervang PCU print.
Configuratiefout of parameters df-dV onbekend.
df en dV opnieuw instellen.
Configuratieprocedure actief.
Geen actie.
Communicatiefout met de SU print.
Controleer of de SU print juist in de connector op de PCU print is geplaatst.
Vlamwegval tijdens bedrijf.
Ontlucht de gasleiding. Controleer of de gaskraan goed geopend is. Controleer de gasaanvoerdruk. Controleer correcte werking en afstelling van het gasblok. Controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping. Controleer op rookgasrecirculatie.
Gaslekcontrole fout.
Controleer de bedrading. Vervang het gasblok bij een defect gasblok. Vervang gaslekcontrole VPS bij een defecte gaslekcontrole VPS.
Interne fout SU print.
Vervang SU print.
Parameter storage unit PSU niet gevonden.
Controleer de bedrading.
Veiligheidsparameters niet in orde.
Controleer de bedrading. Vervang een defecte PSU.
Aanvoertemperatuursensor kortgesloten.
Controleer de bedrading. Controleer de goede werking van de sensoren. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Vervang de sensor indien nodig.
Aanvoertemperatuursensor open.
Controleer de bedrading. Controleer de goede werking van de sensoren. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Vervang de sensor indien nodig.
Temperatuur warmtewisselaar te laag.
Controleer de bedrading. Ontlucht de CV-installatie. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer de waterdruk. Controleer de warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensoren. Vervang de sensor indien nodig.
Temperatuur warmtewisselaar te hoog.
Controleer de bedrading. Ontlucht de CV-installatie. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer de waterdruk. Controleer de warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensoren. Vervang de sensor indien nodig.
Retourtemperatuursensor kortgesloten.
Controleer de bedrading. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensoren. Vervang de sensor indien nodig.
Retourtemperatuursensor open.
Controleer de bedrading. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensoren. Vervang de sensor indien nodig.
Retourtemperatuur te laag.
Controleer de bedrading. Controleer de warmtewisselaar op vervuiling. Ontlucht de CV-installatie. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer de waterdruk. Controleer de goede werking van de sensoren. Controleer of de sensor goed gemonteerd is.
Retourtemperatuur te hoog.
Controleer de bedrading. Controleer de warmtewisselaar op vervuiling. Ontlucht de CV-installatie. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer de waterdruk. Controleer de goede werking van de sensoren. Controleer of de sensor goed gemonteerd is.
Te veel verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur.
Ontlucht de CV-installatie. Controleer de waterdruk. Controleer de goede werking van de verwarmingspomp. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer de warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensoren. Vervang de sensor indien nodig.
Te veel verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur.
Ontlucht de CV-installatie. Controleer de waterdruk. Controleer de goede werking van de verwarmingspomp. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer de warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensoren. Vervang de sensor indien nodig.
Luchtdrukverschilschakelaar is aangesproken; temperatuur warmtewisselaar boven normaal bereik (maximaalthermostaat STB).
Controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping. Controleer de bedrading. Controleer de waterdruk. Controleer de goede werking van de verwarmingspomp. Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer de warmtewisselaar op vervuiling. Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensoren. Vervang de sensor indien nodig.
5 mislukte branderstarts.
Bij geen ontstekingsvonk: controleer bekabeling van de ontstekingstrafo, ionisatie-/ontstekingselektrode, doorslag naar massa/aarde en aarding; de tabel vermeldt ook defecte aansturing van de SU print. Bij wel ontstekingsvonk maar geen vlamvorming: controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping, of de gaskraan goed geopend is en de gasaanvoerdruk. Ontlucht de gasleiding. Controleer correcte werking en afstelling van het gasblok, de conditie van het branderdek en de bekabeling van het gasblok; de tabel vermeldt ook defecte aansturing van de SU print. Bij wel vlam maar geen of onvoldoende ionisatie (<3 µA): controleer of de gaskraan goed geopend is, de gasaanvoerdruk, de bekabeling van de ionisatie-/ontstekingselektrode, de aarding, de ionisatie-/ontstekingselektrode, correcte werking en afstelling van het gasblok en de conditie van het branderdek.
Vals vlamsignaal.
Controleer de ionisatie-/ontstekingselektrode. Stel CO₂ af. Vervang de ontstekingstrafo indien nodig. Controleer de gasklep en vervang deze indien nodig.
Gasklep storing SU print.
Controleer de bedrading. Controleer de SU print en vervang deze indien nodig.
Ventilator storing.
Controleer de bedrading. Controleer de goede trek ter hoogte van de aansluiting op de schoorsteen. Vervang de ventilator indien nodig.
Aanvoer en retour verwisseld.
Controleer doorstroming (richting, pomp, kleppen). Controleer of de sensor goed gemonteerd is. Controleer de goede werking van de sensoren. Vervang de sensor indien nodig.
5x vlamverlies.
Ontlucht de gasleiding. Controleer of de gaskraan goed geopend is. Controleer de gasaanvoerdruk. Controleer correcte werking en afstelling van het gasblok. Controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping. Controleer op rookgasrecirculatie.
Communicatiefout met de SU print.
Controleer of de SU print juist in de connector op de PCU print is geplaatst.
Communicatiefout met de SCU print.
Controleer de bedrading. Vervang een defecte SCU print.
Blokkerende ingang in vergrendelende mode.
Controleer de bedrading. Neem de externe oorzaak weg. Controleer parameters.
Hulp
Heb je vragen over de CV Ketel HMI Gas 310ECO PRO van Remeha? Stel ze direct aan onze expert! Je krijgt informatie, praktische tips en oplossingen op maat in slechts enkele seconden.
Gerelateerde handleidingen
Hieronder vindt u handleidingen voor CV Ketel die vergelijkbaar zijn met HMI Gas 310ECO PRO. Probeer ook alle Remeha CV Ketel handleidingen te bekijken
Discussie
Laat een opmerking achter of stel een vraag
Doe mee aan de discussie
Stel een vraag over de handleiding of voeg een nuttig antwoord toe voor andere gebruikers.